Nov 25 2008

RIP, Rest In Pool

De graafwerken op dag twee namen al vanaf ‘s ochtends plots andere dimensies aan. Jean-Louis liet de Bobcatjes even stilleggen voor een minuut stilte. Vanuit de grond keken ons, als ogen met een bril, twee graven aan. Voor Jean-Louis was het nog eens even slikken toen hij ontdekte dat de ceders, die wij gerooid hadden, in de vorm van een kruis waren aangeplant geweest. “Oelala. Ne touche pas! Ne touche pas!” De laatste touche kwam traag en met extra nadruk op de ‘ou’ uit zijn mond terwijl hij links en rechts om zich heendraaide.

De terrassier kon er gelukkig wel om lachen en vertelde over ganse cimetières in tuinen. “Waarschijnlijk protestanten die geweigerd werden op de christelijke begraafplaatsen. Of secteleden! Want hiet is wat gepasseerd in de Luberon.” Veel fantasie, maar de waarheid is niet minder bizar. Van de vorige eigenaar weten we dat het belle-mère en papa zijn die hier rusten. Toen we vroegen om ze op te ruimen zei hij doodgewoon: ” Laat papa maar liggen. Hij is nu gewoon aan dit klimaat!” Madame dan maar geprobeerd: “Oh ja, maar welke steen is nu weer van ons moeder? ‘k Weet het niet meer. We hebben ze verdeeld onder de kinderen en ze zit in een confituurpotje. (Van Bonne maman misschien?) Je zal het wel zien als je ze opgraaft. En strooi ze dan uit, als je wil.”

“Dat zal wel,”, reageert Jean-Louis. “een dikke laag zand erover en we laten de doden met rust!” ‘s Avonds was de put klaar en de rust keerde weer, voor iedereen.

Wordt vervolgd