En onze kapoen?
In den beginne verging het onze chapon niet zo best. Er werd hem niet alleen het hart uitgehaald, maar eveneens de lever. Bijkomend werd hem vanalles opgedrongen en uit voorzorg daarna de mond en kont gesnoerd. Hij dook uiteindelijk onder om vier uur later met een gezonde kleur terug tevoorschijn te komen. Hij kreeg de ereplaats aan tafel; in het midden. Hij was hartelijk en goed van inborst:
-
- 500g varkensgehakt
- 500g kastanjes
- 200g ingewanden van gevogelte
- 2 looktenen, geperst
- peterselie, peper en zout (behoorlijk wat)
- 1 volledig ei
- 1 scheut cognac
Hoe is het zover kunnen komen?
Zoals zoveel in de Provence wordt er niet teveel poespas rond gemaakt. Met uitzondering van enkele kastanjes, het gehakt en het ei, gaat alles de blender in. In een kom wordt dan met de hand deze pâte onder het gehakt gemengd. Enkele ganse kastanjes worden bij wijze van decor toegevoegd. Deze vulling kan je gerust de dag voordien prepareren. Het hart en de lever van de chapon mix je de dag zelf en voeg je er dan aan toe. De oven voorverwarmen op 170° en de kapoen voor een eerste keer insmeren met olijfolie. In de vier uur die daarop volgen (de onze woog 4,350kg) besprenkel je hem nog enkele malen met het vocht en olie uit de braadslee.
Mag er iets bij? Moet er iets op?
Groenten bij op het bord vind je hier zelden, champignons des te meer. In het vocht dat uit de braadslee komt, worden deze hoogstens wat aangeschroeid en bijgekruid met peper en zout. Pommes dauphinois of een Belgisch kroketje erbij kan ook nog.
En voor wie het zich afvraagt, wij hebben met ons vieren geen vier kilo vlees gegeten. De poelier had zich duidelijk vergist en wij zullen de komende dagen nog verschillende variaties op chapon à la Provençale moeten bedenken!























