Mar 18 2010

Nationale identiteit en pastis

Bistrot de Mouriès, entrée

Bistrot de Mouriès

De Franse regionale verkiezingen zijn volop aan de gang. Vorig weekeinde kenden we de eerste eliminatieronde. Komende zondag 21 maart wordt de winnaar bekend gemaakt. Het centrale thema in de campagnes: “De nationale identiteit.” Nee maar -dit donc-, het voor ons sinds  ‘s mensen heugenis meest chauvinistische buurvolk heeft last van zijn identiteit!

Elk volk heeft zijn navel, zoals de Grieken Delfi hadden, en het zette mij aan het denken waar de navel van de Zuid-Fransen zich zou kunnen bevinden. Volgens mij maakt Mouriès in Les Alpilles een behoorlijke kans. Nog precieser, de bistrot van het dorp. Hier werd, en het is geen grap, op 1 april van het jaar 1551 Baptistin Honore Petalugue geboren, uitvinder van de pastis. Wie zal dit feit als mijlpaal in de meditterane  geschiedenis durven ontkennen. Achter de toog staat een Dalida, die een duidelijk j’attendrai uitstraalt, om de petits jaunes te schenken.Baptistin Honore Petalugue, inventeur du pastis.

Niet overtuigend genoeg? Wel, in dezelfde bistrot komt regelmatig een ander en meer recente Franse held incognito over de vloer. Eric ‘The King’ Cantona, Franse voetbalheld tot ver buiten de grenzen, komt hier zijn dagschotel nuttigen. En gelijk heeft hij want de regionale keuken die hier geserveerd wordt is degelijk, van alle franjes ontdaan en zonder pretentie. Eigenlijk zoals wij het op vakantie graag hebben. Cantona heeft trouwens in navolging van Petalugue ook zijn naam verbonden aan de pastis. Fles Pastis51 ontworpen door Eric 'The King' Cantona.Hij is de ontwerper van een fles Ricard 51 die in beperkte oplage op de markt kwam.

En voor wie nog niet akkoord zou zijn met mijn argumenten moet weten dat Ernest Hemingway ze zeker zou beamen. Hij verbleef voor langere tijd in de afspanning. Verder kan ik nog duizenden olijfbomen toevoegen en de passie voor stieren die alsmaar groter wordt naarmate je dieper zuidwaarts trekt.

Mocht je deze zomer deze kant uitkomen is Mouriès en zijn bistrot zeker een ommetje waard.


Mar 29 2009

Pizza Bella

Een nieuwe zaak in je eigen dorp moet je verplicht uitproberen, vinden wij. Zelfs als de startende ondernemer het je bijzonder moeilijk maakt. Zo kregen we een flyer in handen van Pizza Bella in Oppède, Les Poulivets. Goed idee, want die aftandse camionetten langs de N100 met een zogezegde houtoven aan boord fabriceren moeilijk verteerbare schijven. Ik vermoed dat ze soms per ongeluk de ovenplanken meegeven ipv. de pizza’s. Maar nu hebben we Pizza Bella dus; “6 dagen op 7 open!”, blokletterd de publiciteit. Welke de zevende dag is dat deze pizzabakker rust, is niet duidelijk. Voorbije donderdag waagde ik een telefoontje om de bestelling door te geven. (Dat kan vanaf 19u, zegt diezelfde leaflet). Om 19u30 sprong vrolijk het antwoordapparaat op waarbij ik dacht nu ook meteen de sluitingsdag te kennen. Neen hoor, “Pizza Bella is gesloten op maandag”, zei een vrouwenstem. Ik besloot een kijkje te gaan nemen en dan maar ter plaatse te bestellen. Het plein was leeg, de straatverlichting verstrooide een geel licht. Niets wees erop dat Bella open was want de gevelverlichting was uit. Een lichtschijnsel deed me toch naar binnen stappen, en ik mocht bestellen zelfs! Ik las de uitgebreidde kaart. Een La Collioure met tomaat, kaas, uien, olijven, kappertjes en chorizo leek me wel wat. Tot mijn oog op de Engelse vertaling viel. In de Angelsaksische versie ligt er bijkomend tonijn op diezelfde Collioure. Ik bestel tot verbazing van de chef een Franse versie. “Oei, ik heb de vertaling niet nagekeken! Tja, het is een Fransman die de ingrediënten vertaalde,” grapt hij. Al even vermakelijk snijdt hij op verzoek de pizza in 4 (voor 2 Engelsen), in 8 (voor 2 Belgen) of in 16 (voor een Nederlandse familie!). Bij het afrekenen haalt hij zijn strafste commercieel voorstel boven, “10 kopen is 1 gratis!” En hoe hij dat allemaal gaat onthouden, vraag ik. “Euh…, weet ge wat, scheur het hoekje van elke doos af en hou dat bij. Als ge er 10 hebt, brengt ge ze maar mee.” En het gaat er nog van komen want ze waren lekker. Voor de goeie dingen in het leven moet je duidelijk iets over hebben.


Mar 6 2009

Chocolatier Maxim

Het mag nu gezegd, de praline zit in de doos, en dit is een absolute primeur, want onze zoon Maxim mag als student van de Hotelschool in Hasselt stage lopen bij een eminent ambachtsman hier in Frankrijk.

In L’Isle-sur-la-Sorgue zit namelijk een zeer straffe chocolatier die het vak van vader op zoon heeft geleerd en als créateur van zeer verfijnd lekkers wereldwijd bekend staat. Gedurende een volle maand zal Maxim in het atelier van Florian te zien zijn want hij stelt zoveel belang aan zijn bewerkingen dat hij het gewoon in zijn etalage toont. Geen enkel product in zijn confiserie is langer dan een week op voorhand geprepareerd, zonder bewaarmiddelen en kleurstoffen. La cour aux Saveurs is bijkomend nog een van de weinige plekken waar je echt artisanaal vervaardigde nougat kan kopen. Ga je deze vakantie op de antiekmarkt langs, passeer zeker ook eens bij Florian Courreau in de rue Louis Lopez in Isle.